„Hoe gaat het met je?” Ik krijg een appje van een jongen die ik al dik vier jaar niet heb gesproken. Ooit vastten we samen zeven dagen en ademde ik naast hem tot ik dacht dat ik flauwviel. Daarna verdween hij. Althans, niet helemaal. Soms zag ik hem nog voorbij fietsen, steeds iets zwaarder, steeds iets onverzorgder, steeds somberder. Ik typ: „’T gaat goed. Met jou?”

‘Vol jaloezie had mijn vriendin naar de gesluierde vrouw op het schoolplein gekeken’
02:18

‘Voor iemand anders was dit gewoon een gesprek over friet. Voor mijn moeder was dit crisis’
02:06

‘Linkse meisjes willen rechtse mannen’, zei hij terwijl hij naar me knipoogde'
02:20