‘Ze belt me vroeg in de ochtend en begint meteen te foeteren. „Jij hebt mijn sleutel, meisje.” Geen hallo. Geen goedemorgen. Alleen puur woede en wantrouwen. Terwijl zij losgaat over onbetrouwbaarheid en respect, voel ik in mijn jaszak. En ja hoor. Daar zit hij. Haar huissleutel. Per ongeluk meegenomen.’

Het was een beetje alsof hij op Pokémon jaagde
01:55

Normaal zie ik niet tegen maandag op. Nu wilde ik nooit meer werken
02:13

Ik opperde Bokkie te laten inslapen en de 2000 euro aan mij te schenken, dat idee werd niet serieus genomen
02:21