‘Ze belt me vroeg in de ochtend en begint meteen te foeteren. „Jij hebt mijn sleutel, meisje.” Geen hallo. Geen goedemorgen. Alleen puur woede en wantrouwen. Terwijl zij losgaat over onbetrouwbaarheid en respect, voel ik in mijn jaszak. En ja hoor. Daar zit hij. Haar huissleutel. Per ongeluk meegenomen.’

'De Pradajas die ik draag, heeft hem niet kunnen misleiden, ik blijf een vreemde eend in de bijt'
02:13

‘Waar ik bij eerdere situationships vaak onzeker achterbleef, gaf híj me iets waardevols’
01:34

Is hij niet veel te knap voor mij? Ik maakte er een podcast over. Die haalde één aflevering
01:57