De lange rentes (de kapitaalmarktrente) van de grote vier landen van de eurozone – Frankrijk, Italië, Duitsland en Spanje – lopen op. Dat heeft te maken met de stijgende inflatie. Vorige maand kon de Europese Centrale Bank (ECB) nog vieren dat de inflatie onder de 2 procent zakte, maar nu zitten we weer op 2,5 procent. De ECB kan via obligatieaankopen ingrijpen om oplopende lange rentes te temperen. Dat stelt macro-econoom Edin Mujagić.
Hoe kan het dat die lange rentes zó hoog zijn?
Die stijging hangt samen met de oorlog in het Midden-Oosten, waardoor olie- en gasprijzen zijn gestegen. Maar ook inflatieverwachtingen lopen op. Beleggers rekenen erop dat de ECB de rente dit jaar drie keer zal verhogen. En omdat lange rentes eigenlijk een optelsom zijn van verwachte korte rentes (de geldmarktrentes), bewegen die mee omhoog. Dus als de markt verwacht dat de ECB de rente verhoogt, stijgen de lange rentes ook. Dat is logisch.

‘Het IMF moet de hele wereld in de gaten houden, problemen zitten overal’
09:43

Waarom de dollar ook deze oorlog overleeft
07:23

‘Private credit werkt, totdat je het aan iedereen gaat verkopen’
09:03